Sector
  • Po
  • Vmbo onderbouw
  • Havo onderbouw
  • Vwo onderbouw
  • Gymnasium onderbouw
Leerplankundig thema
  • 21e eeuwse vaardigheden
  • Probleemoplossen
Trefwoorden
  • 21e eeuwse vaardigheden
  • Probleemoplossend denken en handelen

Een voorbeeldmatig leerplankader

22-12-2015

Probleemoplossen is het proces dat moet leiden tot een oplossing voor een probleem (of een behoefte, een vraagstuk, vraagstelling), waarbij het meer gaat om het proces dat leidt tot het oplossen van het probleem dan om het vinden van de oplossing zelf.

Dit betekent dat leerlingen de betekenis van een probleem moeten kunnen (h)erkennen en in een context moeten kunnen plaatsen en relevante context gebonden vragen moeten kunnen stellen. Ze moeten (samen)werken met anderen, kritisch kunnen beschouwen wat anderen over een onderwerp zeggen, deze informatie kunnen verwerken en communiceren/presenteren. Tevens moeten ze hun kennis over concepten kunnen uitbreiden en verdiepen, bijvoorbeeld door innovaties te bedenken bij een onderwerp of thema die een betere wereld maken. Er wordt aanspraak gemaakt op hun creativiteit bij het bedenken van oplossingen en ze doen onderzoek naar (deel-) oplossingen die ze hebben bedacht. In de literatuur worden kritisch denken en creativiteit vaak in een adem genoemd met probleemoplossen, in dit document proberen we de kenmerkende aspecten van probleemoplossen te benoemen.

Fasen in het proces

Om zich de vaardigheid probleemoplossen eigen te maken, doorlopen leerlingen systematisch het proces van probleemoplossen. De achtereenvolgende stappen zijn: het 'zien', erkennen, verkennen en verhelderen van het probleem; analyseren van het probleem; mogelijke (deel-) oplossingen inventariseren; afwegen van de mogelijke oplossingen; selecteren en indien mogelijk het toepassen en evalueren van de oplossing. Het is mogelijk om hier een cyclisch proces van te maken; na het afwegen van oplossingen kan worden bezien of er toch nog andere oplossingen mogelijk zijn, na evaluatie kan alsnog voor een andere oplossing worden gekozen, etc.

Voorwaarden probleemoplossend denken en handelen

Een leerling is een probleemoplosser als hij/zij een onderzoekende houding heeft, problemen kan (h)erkennen, over vaardigheden beschikt om belangrijke vragen te stellen en te beantwoorden, oplossingsstrategieën kan hanteren, kan komen tot verschillende oplossingsrichtingen, beargumenteerde beslissingen kan nemen ten aanzien van de oplossing en het probleemoplosproces kan generaliseren zodat deze ook in andere situaties toe te passen is.

Een leeractiviteit die gericht is op probleemoplossen gaat uit van een zo authentiek mogelijk probleem of vraagstelling met een (voor de leerling) onbekende uitkomst. De leerling wordt in staat gesteld om het probleem (beter) te definiëren, te analyseren, probleemoplosstrategieën toe te passen, zich nieuwe kennis eigen te maken, verschillende oplossingsrichtingen te onderzoeken en beargumenteerde beslissingen te nemen over de uiteindelijke oplossing. Daarnaast moet gebruik gemaakt worden van vakspecifieke kennis en vaardigheden die nodig zijn voor het uitvoeren van de opdracht.​


Probleemoplossend denken en handelen De leerling…
Problemen signaleren en verkennen Weet dat er problemen van verschillende aard zijn en dat veel problemen kunnen worden opgelost
Herkent situaties waarin van een vraag of probleem sprake is, kan aangeven wat onduidelijk is
Kan aangeven in welke situatie het probleem of vraag zich voordoet
Problemen analyseren en definiëren  Kan elementen van het probleem benoemen en daarbij deelvragen formuleren
Kan een probleemstelling formuleren door het verschil tussen huidige en gewenste situatie te omschrijven
Probleemoplosstrategieën kennen en genererenWeet dat er verschillende probleemoplosstrategieën zijn en kan aangeven uit welke algemene stappen deze bestaan
Kan probleemoplosstrategieën genereren op basis van de probleemstelling

Probleemoplosstrategieën analyseren en selecteren

 

 
Kan analyseren welke oplossingsstrategieën passen bij de probleemstelling
Kan criteria benoemen om een keuze te maken uit de voorgestelde oplossingsstrategieën, passend bij de probleemstelling
Mogelijke oplossingen genereren      Kan in verschillende richtingen denken om tot oplossingen te komen
Kan verschillende oplossingsrichtingen voorbeeldmatig uitwerken
Kan denken in patronen om problemen systematisch op te lossen
Kan verbanden leggen en zo mentale modellen creëren die relevant zijn voor het probleemoplossen
Beargumenteerde beslissingen nemen  Kan de voorgestelde oplossingen beoordelen in relatie tot het oorspronkelijke probleem
Kan beredeneren waarom de voorgestelde oplossing(en) passen bij het oorspronkelijke probleem
Toepassen en evalueren van de oplossing    Kan de voorgestelde oplossing toepassen in de praktijk
Kan de voorgestelde oplossing toetsen aan het oorspronkelijke probleem
Kan terugblikken op het doorlopen probleemoplosproces

Contactpersoon